Alle leden aan het woord laten waarom ze zich bij de Castellum Singers hebben aangemeld, zou een beetje te ver voeren. Daarom hebben we in goed overleg een drietal uitgekozen dat graag vertelt waarom het koor zoveel toevoegt aan hun levensvreugd.

Mies Visser

Mies Visser is een van de drie ‘aanjagers’ van het koor: samen met Henk Kroon en Annie van der Winden vormt zij de werkgroep die alle bestuurlijke taken op zich neemt.

”Zo’n drie maanden na de oprichting -voorjaar 2006- las ik een stukje in de krant over het nieuwe koor. Samen met mijn man Richard namen we een kijkje en we waren meteen verkocht. Het koor wordt steeds meer een eenheid, je voelt dat iedereen erin groeit. Niet alleen wat betreft het samen zingen, maar ook in sociaal opzicht. Dat blijkt ook bij de extra activiteit die we twee keer per jaar organiseren, zoals de gezellige jaarafsluiting. Veel leden houden daarmeee zelfs rekening met de planning van hun vakanties. Er is in de loop van de vijf jaar een grote saamhorigheid ontstaan.

Het repertoire dat we zingen is heel afwisselend. Dat maakt het voor mij erg leuk. Een voorkeur heb ik daar niet direct in: ik vind alles leuk. Bovendien hebben we een heel stimulerende dirigent. Jan van Wieringen is zonder meer goed, zachtaardig, heeft een losse manier van dirigeren en is te porren voor goede ideeën en veranderingen. Onderling worden er geregeld grapjes gemaakt, maar als het nodig is wordt er ook heel serieus gerepeteerd. Dat alles maakt de Castellum Singers tot een prettig koor, dat graag voor anderen optreedt. Overigens: dat zou van mij wel vaker mogen.”

Mies Visser

 

Wim van den Heuvel

”Vanaf het eerste moment ben ik al lid van het koor”, begint Wim van den Heuvel. ”Via via hoorde ik dat er een nieuw koor zou worden opgericht, natuurlijk bij voldoende belangstelling. De manier van zingen, de eerste keuzes voor het repertoire en de doelstelling: ‘zingen voor je eigen plezier, maar vaker ook voor het plezier van anderen’ spraken mij erg aan. Het zingen is voor mij steeds weer een geweldig moment: even los komen van alles. Je helemaal laten gaan. Dat vindt steeds zijn hoogtepunt in een optreden: dat brengt zoveel vreugde bij de toehoorders. Heerlijk om die blijdschap op de gezichten te zien. Dat is onbetaalbaar! Ons repertoire is vaak één groot feest van herkenning. En als we bijvoorbeeld in een verpleeghuis optreden en er is er maar één die laat zien dat onze muziek hem of haar raakt, is mijn dag al goed.

Voor mijzelf is de liedkeuze ook zeer vertrouwd: op school en bij de verkenners zongen we bijvoorbeeld ook veel Krontjong-liedjes. De sfeer in het koor is goed: er is onderling een sterke band. Ik zou er niet aan moeten denken dit te moeten missen. Dat zou een ramp zijn. Van huis uit ben ik meer op de klassieke toer, maar met ons repertoire voel ik me heerlijk ontspannen. Dat merk je ook bij een optreden: dan zie je de koorleden opbloeien. We doen dat dan ook altijd met veel liefde en plezier.”

Wim van den Heuvel

Miel Tammenga

Miel Tammenga zegt dat ze eigenlijk naar het koor is toegesleept. ”Ik deed receptiedienst in Lorech, bij vanHouten&co, en hoorde dan het koor altijd in de zaal repeteren. Geregeld vroegen enkele koorleden of ik wellicht interesse had eens mee te doen. Het repertoire sprak me wel aan en nadat ik de receptiedienst kon wisselen, ben ik gaan luisteren. Dat beviel goed, ik heb me als lid aangemeld- het koor bestond toen bijna twee jaar- en ik heb er nooit spijt van gehad.

Het leuke aan het koor vind ik ook dat er ‘vogels van diverse pluimage’ op zitten. Het boeit mij al mijn hele leven om te zien hoe heel verschillende mensen in zo’n groep met elkaar omgaan. Ik kijk het allemaal aan en geniet. Want dat doe ik zeker: naast het zingen -wat al ontspanning geeft- kun je er veel lachen.

Bij het repertoire heb ik een voorkeur voor de krontjong-liedjes. Het oude Nederlands hoeft van mij niet zo, maar zo heeft ieder zijn voorkeuren. De sfeer op het koor is heel gemêleerd en juist daardoor is het zo sprankelend. Alles gaat spontaan en dat spreekt aan.
Zelf zou ik graag wat meer discipline zien: zowel naar de dirigint toe als onderling. Bij de optredens lukt dat wel, maar als we dat ook bij de repetities voor elkaar krijgen, zouden we nog meer bereiken.

 Miel Tammenga